Telefoon: 0521 - 383519 / info@stichtingstruikrovers.nl
Soortinformatie

Soortinformatie

In Nederland komen 9 soorten roofdieren voor, behalve de vos en de wilde kat zijn het allemaal marters. Marters, uitgezonderd de das, hebben een slank, lenig en gespierd lichaam. Ze hebben een echt vleeseter gebit, met sterke hoektanden. Daarmee kunnen ze een prooi beetgrijpen, vasthouden en doden. Alle soorten hebben relatief korte poten. De nagels zijn scherp en kunnen, anders dan die van katten, niet worden ingetrokken. Alle marters hebben goed ontwikkelde geurklieren, die heel belangrijk zijn voor onderlinge communicatie. Elk dier heeft een eigen, persoonlijke geur. De muskusachtige geur dient om een territorium af te bakenen, als afschrikking, oriëntatie en voor individuele herkenning.

Stichting Struikrovers spoor das

Karakteristiek spoor van een das, let op de nagels.

Eigen territorium

Uitgezonderd de das, die in een familieband leeft, hebben volwassen marters een eigen territorium. De leefgebieden van de mannetjes zijn veel groter dan die van de vrouwtjes en meestal overlapt het leefgebied van een mannetje dat van meerdere vrouwtjes. Marters gebruiken hun uitwerpselen als markering, zowel voor zichzelf (vertrouwde geur) als voor soortgenoten (afschrikking of aantrekking). In de buurt van hun schuilplaats hebben ze vaak latrines, plekken waar de uitwerpselen bij elkaar liggen.

Stichting Struikrovers wezel ontlasring

Ontlasting van een wezel, in de natuur nauwelijks te vinden.

Marters hebben uitmuntende zintuigen, beter dan veel andere dieren. Reuk, gehoor en gezichtsvermogen zijn goed ontwikkeld. Dassen en otters zijn echter bijziend, en kunnen objecten van dichtbij niet goed waarnemen.

Meestal nachtactief

Alle marters, behalve wezel en hermelijn, zijn nachtactief. De boommarter is ook wel in de schemering actief. De otter jaagt soms ook overdag, op rustige plekken. Boommarters met jongen kun je ook wel eens midden op de dag waarnemen en dassen zijn rond de langste dag ook wel in de avondschemer zichtbaar. De wezel jaagt overdag, omdat er dan minder vijanden aanwezig zijn. Hermelijnen jagen ook overdag, vooral in de vroege ochtend en avond. Soms zijn ze ook ’s nachts actief.

Stichting Struikrovers wezel met prooi

Vrouwtje wezel met prooi, een spitsmuis.

Uitgestelde voortplanting

Marters, uitgezonderd de das, leven buiten de voortplantingsperiode individueel in een eigen territorium, er is geen paarvorming. Marters hebben, behalve de wezel en de bunzing, een uitgestelde voortplanting. Ze paren in de zomer, maar de jongen worden pas in het voorjaar geboren. Na bevruchting ontwikkelt het embryo zich met enkele celdelingen en zweeft dan in rust tot het volgend voorjaar in de baarmoeder. Dit wordt uitgestelde implantatie of diapauze genoemd. De implantatie van de embryo in de baarmoeder, waarna het embryo zich ontwikkelt, vindt plaats als de dagen langer worden.

Heftige paring 

De paring van marters is heftig. Het is eerder een vecht- dan een vrijpartij. Vooral de bunzing is hierom bekend. Het mannetje pakt het vrouwtje in de nek en sleept haar langdurig rond. De heftige en pijnlijke paring is nodig voor de ovulatie, anders wordt het vrouwtje niet vruchtbaar.

Stichting Struikrovers jonge hermelijnen

Jonge hermelijnen zijn erg speels.

Jongen blijven lang bij de moeder

De jongen worden alleen door de moeder verzorgd, en blijven relatief lang bij haar. Bij de geboorte zijn de jongen van marters zeer klein, hulpeloos en de ogen blijven relatief lang gesloten. Ze worden onbehaard geboren en de vachtkleur wijkt af van die van de ouders; jonge boommarters lijken sterk op steenmarters en hebben bijv. nog geen gele bef. De jongen zijn erg speels, dit is belangrijk als leerproces voor het overmeesteren van prooien en voor de onderlinge hiërarchie.

Marters, met uitzondering van de das, bewegen zich op land voort met golvende sprongen, de zogenaamde ‘martersprong’ waardoor sporen met groepjes van 2, 3 of 4 prenten ontstaan.

Stichting Struikrovers spoor otter

Spoor van een otter in de sneeuw op het ijs.

Marters zijn goede jagers

De jachtmethode van marters bestaat uit het energiek afzoeken van holtes, nissen en kieren. De reuk is heel belangrijk bij deze manier van jagen. De prooien worden bij verassing besprongen. De das is meer een alleseter die zijn voedsel scharrelend en wroetend vergaart.

Marters spelen een belangrijke, regulerende rol in ecosystemen. De meeste soorten, uitgezonderd das en otter, leven vooral van knaagdieren en vogels. Steen- en boommarters eten in de herfst ook graag bramen, bessen en fruit. De bunzing eet, net als de otter, ook graag kikkers, padden en salamanders. Wezel en hermelijn zijn strikte carnivoren, terwijl de das een echte omnivoor (alleseter) is. Otters eten voornamelijk vis.

Stichting Struikrovers otter

Otter op de oever

Marterstand afhankelijk van voedselaanbod

Als er veel prooidieren zijn is er geen sterfte door voedselgebrek. Marters brengen dan in een seizoen meer jongen groot. Knaagdieren (ratten en muizen) vormen het stapelvoedsel van de meeste marters. De populaties van knaagdieren zijn onderhevig aan sterke schommelingen. Als de aantallen sterk stijgen stort de stand daarna altijd weer in, door overbevolking. Marters volgen de knaagdierstand en bij weinig prooidieren neemt de marterstand af.

Vooral de kleine soorten (wezel en hermelijn) zijn sterk afhankelijk van de muizenstand omdat het voedselspecialisten zijn. In tegenstelling tot zogenaamde generalisten (bunzing en steenmarter) kunnen ze niet gemakkelijk overschakelen op andere prooien. Van boommarters is bekend dat ze blijven eten wat ze gewend zijn vanuit hun jeugd, en dat ze niet gemakkelijk overschakelen op ander voedsel. 

Stichting Struikrovers 2 van 4

Blauwe reiger met wezel.

Vijanden van marters

Marters sneuvelen regelmatig in het verkeer. Hoewel het vermoeden bestaat dat gezonde dieren (uitgezonderd das en otter) vaak eerst kijken voordat ze een weg oversteken.

De grote marters hebben in Nederland geen natuurlijk vijanden. Jonge marters kunnen ten prooi vallen aan havik, vos en huiskat. Wezel en hermelijn hebben veel natuurlijke vijanden en worden gepakt door vossen, reigers, ooievaars, katten en uilen. 

 

Soortbeschrijvingen

Das

Otter

Boommarter

Steenmarter

Amerikaanse nerts

Europese nerts

Bunzing

Hermelijn

Wezel

Doe mee!

Das, otter, boommarter, steenmarter, bunzing, hermelijn en wezel. In Nederland komen maar liefst zeven soorten marters voor! Helaas worden deze prachtige en intelligente dieren door veel mensen steeds vaker als lastige roofdieren beschouwd. Wil je ons helpen ze te beschermen? Geef je op en je hoort van ons wat je kunt doen.