Telefoon: 0521 - 383519 / info@stichtingstruikrovers.nl
Tips voor natuurbeheerders

Tips voor natuurbeheerders

Natuurbeheer houdt te weinig rekening met marters

Behalve met das en otter wordt zelfs in natuurgebieden eigenlijk geen rekening gehouden met marters. De algemene insteek is dat ‘ze wel een plek weten te vinden’. Niets in minder waar. Het gangbare natuurbeheer is meestal nog steeds eenzijdig gericht op verschraling. Het afvoeren van vegetatie (begrazen, maaien of plaggen) vormt de basis. Daarvan profiteren (zeldzame) soorten die houden van voedselarme omstandigheden. Marters hebben, net als veel andere soorten, helemaal niets met voedselarme omstandigheden. Daar is minder voedsel (muizen) en minder dekking. Ruige natuur met veel dekking waar niet wordt gemaaid, begraasd of geplagd is ideaal. Gelukkig zijn die plekken er nog wel en ze vormen het ideale leefgebied voor marters, hier kunnen ze slechte muizenjaren overleven en in goede tijden hun areaal weer uitbreiden.

Stichting Struikrovers 1 van 1 3

Voorbeeld van ruige, natte natuur met veel dekking, ideaal voor marters en andere dieren.


Bescherming in de praktijk: minder doen en minder beheren

Bescherming van marters begint vooral met minder doen en minder beheren. Marters hebben dekking nodig en houden van een ruig, rommelig en niet aangeharkt landschap. Daar kunnen ze zich verstoppen en vinden ze voedsel. Het leuke is dat maatregelen voor marters ook gunstig zijn voor andere dieren die behoefte hebben aan dekking zoals vogels (steenuil, kerkuil), zoogdieren (muizen, egels), amfibieën (bruine kikker, gewone pad, groene kikker), reptielen (ringslang) en ongewervelde dieren (insecten).

Minder doen en minder beheren is gunstig voor marters en andere fauna:

1. Minder maaien en meer (ruige) vegetatie laten overstaan. Dat zorgt voor dekking voor (kleine) marters en levert een goede muizenstand op waarvan bijv. ook uilen profiteren.

Stichting Struikrovers 95 van 108

'Natuurontwikkeling' waarbij grootschalig is gemaaid, ongunstig voor marters en andere dieren.

2. Minder (intensief) begrazen. Begrazen is nadelig voor veel dieren omdat dekking verdwijnt. In begraasde gebieden leven minder muizen en is minder voedsel aanwezig.

3. Laat dode bomen en takken achter in het terrein. Takken niet hakselen maar op richels of hopen deponeren.

Stichting Struikrovers 3 van 108

Dood hout in het bos, waar zie je dat nog?

4. Wees niet bang om delen van een (natuur) terrein te laten verruigen. Waar geen bijzondere planten voorkomen kun je een terrein het beste zo lang mogelijk met rust laten.

5. Laat oude schuurtjes, stallen etc. in het terrein staan, de marters zijn je dankbaar voor een droge schuilplaats.

6. Stop met het gebruik van gif voor ratten en muizen in het buitengebied en vermijd het gebruik van mollenklemmen (dodelijk voor hermelijn en wezel).

Stichting Struikrovers 59 van 108

Rattenval met klem, open en bloot buiten geplaatst. Dodelijk voor wezel en hermelijn!

Doe mee!

Das, otter, boommarter, steenmarter, bunzing, hermelijn en wezel. In Nederland komen maar liefst zeven soorten marters voor! Helaas worden deze prachtige en intelligente dieren door veel mensen steeds vaker als lastige roofdieren beschouwd. Wil je ons helpen ze te beschermen? Geef je op en je hoort van ons wat je kunt doen.